Waarom zie je steeds minder bijen en vlinders in je tuin?

Bijen en vlinders zijn onmisbaar voor onze ecosystemen. Ze zorgen voor de bestuiving van bloemen, fruitbomen en groenten, waardoor de natuur blijft bloeien en we kunnen genieten van een rijke oogst. Helaas gaat het niet goed met deze nuttige insecten. Steeds meer mensen merken dat er minder bijen en vlinders in de tuin te zien zijn. Daar zijn verschillende oorzaken voor, zoals het verdwijnen van geschikte leefgebieden, een tekort aan voedsel en de invloed van bestrijdingsmiddelen en klimaatverandering. Gelukkig kun je zelf al veel doen: zelfs een kleine tuin kan een waardevolle plek worden voor insecten.
Minder leefruimte voor bijen en vlinders
Bijen en vlinders hebben meer nodig dan alleen een paar bloemen. Ze hebben voedsel, water en geschikte plekken nodig om te schuilen of zich voort te planten. Door de toenemende verstening van tuinen en het verdwijnen van natuurlijke gebieden zijn deze plekken steeds schaarser geworden. Hieronder lees je de belangrijkste oorzaken hiervan.
Verdwijning van natuurlijke gebieden
Een belangrijke oorzaak van de achteruitgang van bijen en vlinders is het verdwijnen van geschikte leefgebieden. Natuurlijke graslanden, bermen, bloemrijke weilanden en andere groene plekken maken steeds vaker plaats voor bebouwing, wegen en intensief gebruikte landbouwgrond. Hierdoor verliezen insecten niet alleen plekken om voedsel te vinden, maar ook plaatsen om te schuilen, te rusten en zich voort te planten. Een tuin met verschillende soorten planten, struiken en wilde hoekjes kan daarom een kleine maar waardevolle aanvulling vormen op het natuurlijke leefgebied.
Tekort aan voedsel en bloeiende planten
Bijen zijn voor hun voedsel afhankelijk van nectar en stuifmeel. Vlinders hebben nectar nodig en sommige vlindersoorten zijn bovendien afhankelijk van specifieke waardplanten waarop ze hun eitjes kunnen afzetten. Een tuin met slechts enkele soorten planten biedt daardoor minder mogelijkheden dan een tuin met veel variatie. Kies voor inheemse bloeiers die van vroeg voorjaar tot late herfst achtereenvolgens bloeien. Zo vinden bijen en vlinders bijna het hele jaar voedsel.
Invloed van bestrijdingsmiddelen
Het grootschalige gebruik van bestrijdingsmiddelen speelt ook een rol bij de achteruitgang van insecten. Insecticiden zijn bedoeld om schadelijke insecten te bestrijden, maar kunnen ook nuttige insecten zoals bijen en vlinders treffen. Sommige middelen kunnen daarnaast invloed hebben op hun gedrag, voortplanting en vermogen om voedsel te vinden. Hierdoor kunnen bestrijdingsmiddelen bijdragen aan de afname van insecten en de biodiversiteit onder druk zetten.
Klimaatverandering en extreem weer
Veranderende weersomstandigheden zetten de leefomstandigheden van bijen en vlinders steeds verder onder druk. Hogere temperaturen, langdurige droogte, hevige regenval en andere vormen van extreem weer hebben invloed op de beschikbaarheid van voedsel en geschikte leefgebieden. Daarnaast zorgen stikstofvervuiling en de intensivering van het landschapsgebruik ervoor dat natuurlijke, bloemrijke gebieden verder veranderen. Zelfs iets ogenschijnlijk kleins als goed onderhouden zonwering draagt onbewust bij aan het opvangen van die extremen. Het helpt immers om lokale microklimaten en schaduwrijke plekken rond het huis in stand te houden. Juist daarom telt elke groene plek: hoe meer plekken er zijn met ruimte voor biodiversiteit, hoe beter insecten zich hieraan kunnen aanpassen.
Zo geef je bijen en vlinders weer een plek in je tuin
Je hoeft geen grote tuin te hebben om iets te betekenen voor bijen en vlinders. Met een paar gerichte aanpassingen kun je van een gewone tuin een aantrekkelijke plek voor insecten maken. Ze vinden er voedsel, beschutting en ruimte om te rusten en zich voort te planten. Ook een kleine stadstuin, balkon of groen dak kan daarbij helpen. De combinatie van verschillende planten en leefplekken maakt een tuin aantrekkelijk voor meer typen insecten.
Kies voor inheemse en gevarieerde beplanting
Kies zoveel mogelijk voor verschillende inheemse planten die op verschillende momenten van het jaar bloeien. Zo is er vanaf het vroege voorjaar tot in de herfst steeds voedsel beschikbaar. Voor bijen zijn bloemen met veel nectar en stuifmeel belangrijk, terwijl vlinders vooral nectar zoeken. Zorg daarom voor variatie in bloemvormen, kleuren en hoogtes. Combineer bijvoorbeeld vaste planten met bloeiende struiken, kruiden en bomen. Een gazon hoeft bovendien niet overal kort en strak te zijn. Door een deel van het gras minder vaak te maaien, krijgen bloemen de kans om te bloeien en ontstaat er meer voedsel voor insecten. Maai bij voorkeur gefaseerd, zodat er altijd ergens in de tuin bloemen en beschutting aanwezig blijven.
Overweeg een groen sedumdak
Niet alleen de tuin zelf biedt mogelijkheden om de leefomgeving van insecten te verbeteren. Ook een ongebruikt dakoppervlak kan worden vergroend. Wie extra groen wil toevoegen, kan bijvoorbeeld biodiversiteit stimuleren met een sedumdak. Een sedumdak is begroeid met sterke vetplanten die goed tegen droge omstandigheden kunnen. Wanneer de planten bloeien, leveren ze nectar aan verschillende insecten en vormen ze een waardevolle aanvulling op een biodiverse tuin. Een groendak kan bovendien bijdragen aan meer variatie in een verstedelijkte omgeving.
Zorg voor natuurlijke schuilplekken en water
Bijen en vlinders hebben buiten bloemen ook beschutte plekken om te rusten, overwinteren of nestelen nodig. Laat daarom bijvoorbeeld wat takken, bladeren of dood hout in een rustig hoekje van de tuin liggen. Een stapel hout, een haag of een dichtbegroeid stukje tuin kan extra bescherming bieden. Beschutting op een terras kan ook al een waardevolle plek zijn om te rusten en te schuilen. Het verzorgen van water is ook heel belangrijk, zeker tijdens warme en droge periodes. Zet bijvoorbeeld een ondiepe schaal met water neer en leg er wat steentjes of takjes in, zodat insecten veilig kunnen drinken zonder te verdrinken.
Vermijd bestrijdingsmiddelen
Gebruik bij voorkeur geen chemische bestrijdingsmiddelen in de tuin. Middelen tegen bladluizen, rupsen of andere insecten kunnen namelijk ook nuttige insecten treffen. Bovendien kunnen bestrijdingsmiddelen het natuurlijke evenwicht in de tuin verstoren. Kijk daarom eerst of een plaag vanzelf weer verdwijnt of door natuurlijke vijanden wordt beperkt. Gezonde planten zijn bovendien beter bestand tegen plagen. Zorg daarom voor geschikte standplaatsen, voldoende variatie en goede bodemomstandigheden.

Elke tuin telt mee voor bijen en vlinders
Waarom je steeds minder bijen en vlinders in je tuin ziet, heeft niet één duidelijke oorzaak. Het is een combinatie van factoren, zoals het verdwijnen van natuurlijke leefgebieden, minder voedsel en het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Klimaatverandering en veranderingen in het landschap hebben ook steeds meer invloed op de leefomstandigheden voor bijen en vlinders. Toch betekent dit niet dat je als tuinbezitter machteloos staat. Juist door je eigen tuin groener en gevarieerder in te richten, kun je bijdragen aan meer voedsel, beschutting en leefruimte voor deze nuttige insecten. Een paar tegels vervangen door groen, inheemse bloemen planten, een deel van het gazon minder vaak maaien en chemische bestrijdingsmiddelen achterwege laten, zijn al waardevolle stappen. Wanneer we allemaal wat meer ruimte geven aan de natuur, ontstaat er samen een groter netwerk van leefgebieden. Zo bouwen we aan een duurzame leefomgeving waarin bijen, vlinders en andere insecten voedsel en beschutting vinden.